Eerste hulp bij aanvallen

Moet je altijd eerste hulp geven bij een epilepsieaanval?

Bij de meeste epilepsieaanvallen is geen eerste hulp nodig. De aanval stopt meestal vanzelf na enkele seconden of minuten. Wel is het belangrijk dat iemand in de buurt blijft en ervoor zorgt dat je kind zich niet kan bezeren.

Epilepsieaanvallen zien er niet altijd hetzelfde uit. Elke soort aanval vraagt om een eigen aanpak. Daarom is het goed om te weten:

  • Hoe je je kind kunt helpen tijdens en na een aanval
  • Wanneer je medische hulp moet inschakelen

In de volgende tekst leggen we dit stap voor stap uit en geven we tips waar je extra op moet letten. 

Algemene principes

Wat kun je doen tijdens een epilepsieaanval? 

  • Zorg eerst voor veiligheid: Haal gevaarlijke of scherpe voorwerpen weg uit de buurt van je kind, zodat het zich niet kan bezeren.
  • Bij aanvallen met schokken: Leg je kind, als dat veilig kan, voorzichtig op de grond op de zij. Dit helpt om beter te ademen en voorkomt verstikking.
  • Bij aanvallen waarbij je kind rondloopt of vreemde bewegingen maakt (automatismen): Maak de omgeving zo veilig mogelijk. Verwijder obstakels en begeleid je kind rustig, zonder te duwen of tegen te houden.

Hoe lang duurt een aanval en wanneer moet je ingrijpen?

  • Korte aanvallen: De meeste epilepsieaanvallen stoppen vanzelf binnen 1 tot 2 minuten. Aanvallen die korter duren dan 5 minuten veroorzaken geen directe schade aan de hersenen.
  • Lange aanvallen: Als een aanval langer dan 10 minuten duurt, kan dit soms extra schade aan de hersenen veroorzaken. Dit risico is vooral groot bij aanvallen waarbij je kind bewusteloos is en schokken heeft in alle armen en benen (convulsieve aanval).
  • Wanneer ingrijpen? Als een aanval met bewustzijnsverlies en schokken langer dan 5 minuten aanhoudt, is het belangrijk om actie te ondernemen. Dan moet noodmedicatie worden toegediend om de aanval te stoppen.

Na een epilepsieaanval

  • Stel je kind gerust: Na een aanval kan je kind verward, moe, prikkelbaar of gedesoriënteerd zijn. Dit gaat meestal vanzelf over. Blijf rustig en bied steun in deze herstelfase.
  • Meestal geen medische hulp nodig: Na de meeste aanvallen hoef je geen arts te bellen.
  • Wel medische hulp nodig als:
    • Het de eerste epilepsieaanval is.
    • De aanval kwam door een val of hoofdletsel.
    • Je kind krijgt meerdere aanvallen achter elkaar zonder tussendoor te herstellen.
    • Je kind heeft zich tijdens de aanval ernstig pijn gedaan.

Wanneer bel je een dokter of een ziekenwagen?

Bel onmiddellijk medische hulp in deze situaties:

  • De aanval duurt langer dan 5 minuten en gaat gepaard met bewustzijnsverlies en schokken (tonisch-clonische aanval), of er volgen meerdere aanvallen kort na elkaar.
  • Het is de eerste epilepsieaanval van je kind.
  • Je kind blijft langer dan 30 minuten verward na de aanval.
  • Je kind heeft zich tijdens de aanval ernstig verwond of een voorwerp ingeslikt.

Specifieke aanpak bij verschillende aanvallen 

Absences

Bij een absence is je kind enkele seconden “afwezig”, zonder schokken. Dit kan meerdere keren per dag gebeuren. Soms stopt je kind midden in een zin en moet je daarna herhalen wat je zei.

Als absences vaak blijven voorkomen ondanks medicatie, neem contact op met de arts. Voor omstanders lijkt het soms op gewoon dagdromen. Een EEG-onderzoek kan duidelijkheid geven.

Focale aanvallen

Deze aanvallen beginnen in één deel van de hersenen. Ze zien er anders uit dan klassieke epilepsieaanvallen. Je kind kan bijvoorbeeld:

  • met de armen wapperen
  • beginnen rondlopen
  • smakken of slikken

Meestal stopt de aanval vanzelf binnen enkele minuten.

Bij focale aanvallen met verminderde gewaarwording kan je kind zichzelf in gevaar brengen, bijvoorbeeld door iets heets vast te nemen of een straat over te steken.

Wat kun je doen?

  • Blijf rustig en praat tegen je kind.
  • Verwijder gevaarlijke voorwerpen.
  • Probeer je kind niet vast te houden, want dat kan agressie uitlokken.

Tonisch-clonische aanvallen

Bij deze aanval verliest je kind plots het bewustzijn. Eerst verstijven alle spieren, daarna volgen schokkende bewegingen van armen en benen. De aanval duurt meestal enkele minuten en stopt vanzelf.

Wat kun je doen?

  • Zorg dat je kind zich niet kan bezeren: verwijder gevaarlijke voorwerpen.
  • Maak knellende kleding los (zoals een das of een strak hemd).
  • Leg je kind op de zij, zodat speeksel of braaksel naar buiten kan.

Steek nooit iets in de mond tijdens een aanval.
Probeer ook niet om de mond open te maken – dit kan verwondingen veroorzaken.

{{ popup_title }}

{{ popup_close_text }}

x